Wenen van spijt

vrijdag, februari 20, 2015 0 0

Wenen van GelukMet terugwerkende kracht is het voor mij vooral een beetje Wenen van spijt. Het zit zo. Mijn vader was voor Feyenoord (daar kon hij verder ook  niks aan doen. Eigenlijk was hij fan van Van Hanegem en zo Feyenoord-fan geworden). Mijn broer en ik waren en zijn voor Ajax. Maar het ging er niet zo fanatiek aan toe bij ons thuis. Teletekstsupporters (dat zou je tegenwoordig waarschijnlijk Facebook-supporters noemen) waren we eigenlijk. Onze stadionbezoeken bestonden vanaf half jaren ’80 vooral uit de wedstrijden die FC Den Bosch destijds tegen Ajax speelde. Later gingen we incidenteel eens naar een wedstrijd. We wisten eigenlijk ook niet echt de weg in kaartjes-koop-land.

In 1987 won Ajax de Europa Cup II en was ik te jong om alle wedstrijden te zien. Vaak zag ik het einde niet omdat ik naar bed moest. Laat staan dat ik in het stadion zat. In de zomer van ’94 ging ik op kamers naar Nijmegen. Ik hoefde niet meer op tijd naar bed, had een goedkope kamer en een OV. Ideaal dus om de wedstrijden van Ajax te bezoeken, zou je zeggen. Helaas is het dat jaar maar bij twee wedstrijden gebleven; twee keer speelde Ajax tegen NEC in het Goffertstadion en daar was ik dan weer wel bij (in het Ajax-vak. Gewoon met het fietsje naar het Goffertpark. Clubcards kende men nog niet). En eigenlijk had ik daar ook helemaal niet zo’n problemen mee. Ik zag alle wedstrijden op TV en genoot volop. Het kon allemaal niet op die jaren.

Later kwam de spijt echter. Inmiddels wisten mijn broer en ik steeds beter de weg in kaartjes-koop-land en hadden inmiddels een seizoenskaart. Harde kern zijn we nooit geweest maar we gingen naar alle thuiswedstrijden en pikten per jaar toch zo’n 10 uitwedstrijden mee, ook Europees. Als je dan diep in de nacht terugreed uit München waar Ajax net met 4-0 de oren gewassen was door Makaay en Bayern München, dan had ik toch wel spijt dat ik de Gouden Periode vanaf de bank bekeken had. Zo mooi als toen is het namelijk nooit meer geworden. Het werd nationaal vaak vooral “net niet” (ook nu! De laatste vier kampioenschappen spreken absoluut niet tot mijn verbeelding) en Europees eigenlijk zelfs “helemaal niet”. Het jaar onder Koeman waarin de Europese campagne in de blessuretijd bruut werd verstoord door Tomasson kwam misschien nog het dichtst in de buurt. Al was dat meer op basis van onverzettelijkheid en een dosis geluk en niet, zoals in 1995 op basis van klasse.

Nu is het wachten op een volgende Gouden Periode. Ik zie hem niet zo gauw komen maar mocht er weer een aankomen, dan zorg ik dat ik er, met mijn zoon inmiddels, bij ben!

Deze anekdote is geschreven door Ard Verheijen (1976).

Wil je ook je Wenen 1995 verhaal met ons delen? Zet het op papier (hou het kort, maximaal 700 woorden) en neem contact met ons op.

Reacties

reacties

Je kunt niet reageren.